Het was alweer 8 jaar geleden dat we in Parijs waren geweest. Voor een mega francofiel als ik natuurlijk veel te lang! Gelukkige is Parijs op sommige vlakken net Rome: een eeuwige stad, dus veel van de fijnste plekken blijven eeuwig hetzelfde.
Tips vooraf
Mijn voornaamste tip is ook al jaren hetzelfde: Vélib, Vélib, Vélib. Fietsen in Parijs is geweldig. Toegegeven, je moet een beetje beter opletten dan in Nederland, maar dat is het waard. Dus trek je creditcard en stap op een Vélib’. Hoogtepunten: zoevend langs de Seine en even op en neer naar het Parc Monceau. Het allerleukste was echter dat we ontelbare keren voor de Notre Dame langs zijn gefietst, omdat ons hotel op de linkeroever was. Echt een mega aanrader!


Al onze favoriete restaurants en terrassen heb ik trouwens in aparte lijstjes gezet, anders zou dit artikel echt onleesbaar lang worden.
Voor deze trip hebben we best wat boeken gebruikt om voor te bereiden, waarvan we het merendeel zelfs hebben meegenomen naar Parijs. De links hieronder zijn affiliate-linkjes.
Handig voor in de handtas, met fijne kaart: Time to Momo
Eettips, eettips, eettips: Bon Appétit Paris
Tips buiten de geijkte paden om: Ongewoon Parijs
Voor- en napret: Kleine atlas voor hedonisten – Parijs
Je trip naar Parijs plannen
Natuurlijk is de trein het ideale vervoermiddel naar Parijs. Met de trein die rond 9h vanaf Rotterdam vertrekt, ben je keurig voor de lunch in Parijs. Neem je die van rond 14h30 weer terug, dan kun je nog precies lunchen bij Terminus Nord.
Kom je met de auto en maar kort, dan is de parkeergarage onder de Place Vendôme perfect.
Slapen deden wij dit keer in Hotel Pilgrim in het 5e en dat was echt fantastisch. We werden heerlijk in de watten gelegd, kregen een upgrade naar de giga suite en het zwembad en de rooftopbar zijn fantastisch. Niet zo handig geleden voor de metro, maar naast een Vélib fietsenrek.

Wil je veel musea en andere bezienswaardigheden in, dan is de Paris Museum Pass een fijne optie. Best prijzig, maar met een paar musea heb je het er wel uit. Bovendien heb je bij bijvoorbeeld het Musée d’Orsay een eigen rij en hoef je geen tijdslot te kiezen, wat bezoeken veel makkelijker maakt. Let op: er zijn een paar uitzonderingen waarvoor je wél een tijdslot moet reserveren.
Een nog goedkopere manier om heel veel bezienswaardigheden te zien is je trip goed plannen! Ieder jaar half mei heeft Parijs de Nuit des Musées, de museumnacht dus. Elk jaar in september zijn in Frankrijk de Journées Européennes du Patrimoine. Bij beide gelegenheden kun je heel veel gratis binnen. Let op: vaak moet je wel reserveren!
Zien in Parijs
Met stip op 1 voor ons: de Notre Dame. De buitenkant alleen al is zó mooi geworden! Het steenwerk lijkt soms wel kant, en de kleur is prachtig, zeker vergeleken met het doffe donkergrijs van voorheen. Ook de binnenkant is prachtig.
Naar binnen is nog altijd gratis en de rij beweegt vrij vlot. Wil je echter niet in de rij staan, dan kun je online gratis een tijdslot reserveren. Dit kan vanaf 1-2 dagen van tevoren, maar er komen vooral op de dag zelf steeds tijdslots bij. Blijf dus checken: wij hadden uiteindelijk ineens een tijdslot te pakken.


Nog een tip op het Île de la Cité: de Sainte Chapelle en de Conciergerie. Ze bevinden zich in hetzelfde gebouw, maar hebben aparte ingangen en toegangskaartjes. De Sainte Chapelle werd gebouwd door Lodewijk de IXe, voor een aantal bijzondere relieken, waaronder de doornenkroon. De relieken bevinden zich tegenwoordig in de Notre Dame, maar de kapel is nog altijd beeldschoon.
De Conciergerie werd door diezelfde Lodewijk gebouwd als paleis – met de Sainte Chapelle als hofkapel. Niet heel mooi, wel erg tof als je iets weet van de geschiedenis van Frankrijk. Tijdens de Franse Revolutie was het gebouw een gevangenis voor prominente gevangenen, zoals Charlotte Corday, de vrouw die Marat doodstak en… Marie Antoinette. Haar cel in een kapel kun je bezoeken.
Het Musée d’Orsay wilde ik al jaren zien, vanwege mijn voorliefde voor impressionisme. Met de Paris Museum Pass konden we ondanks de drukte zo doorlopen en het was geweldig. De impressionisten vind je op de 5e verdieping. Beneden vond ik de schilderijen van Parijs in het verleden en de dwarsdoorsnede van de Opéra Garnier het mooist.
Het Panthéon waren we allebei nog nooit geweest, dus dat werd tijd. De groten der aarde uit de Franse geschiedenis liggen hier gezellig zij aan zij. Van Louis Braille (ja die) tot Victor Hugo en van Marie Curie tot verzetsstrijders. Een prachtig gebouw en een must voor iedereen die in Franse geschiedenis geïnteresseerd is. Ook weer gratis met de Pass.


De Opéra Garnier is trouwens op de meeste dagen ook te bezichtigen. Wij kwamen daar helaas te laat achter, maar als je tijdig reserveert is het echt een aanrader, want het is een enorm bijzonder gebouw, weet ik dankzij die doorsnede.
Het Louvre is natuurlijk een soort kermis, maar de collectie is wel echt waanzinnig. Met de Pass (is ie weer) is het gratis, wel even reserveren.
NIET zien in Parijs: het Centre Pompidou, want dat is tot 2030 gesloten voor een verbouwing. De buitenkant bekijken kan gelukkig wel nog steeds, en dat blijft een bevreemdende ervaring! Zeker toen La Course des Cafés erlangs kwam.
Doen in Parijs
Zoals gezegd: fietsen. Dat kan een zondags rondje langs de kades zijn, maar wij hebben gefietst voor vrijwel alles waar je anders de metro voor pakt en dat was top!
Parken! Vlakbij het Panthéon vind je aan de ene kant de Jardin des Plantes en aan de andere kant de Jardin du Luxembourg. Beide zijn gigantisch, herbergen allerlei aanverwante attracties en zijn heerlijk om te zitten of te slenteren.
Ook de Tuileries blijven leuk, vinden wij. Deels door de ligging, maar vooral doordat het gewoon een prachtig park is. In de zomer is hier de luchtballon van de Olympische Spelen te vinden. Nog een fijn park is Monceau, in het 17e. Met de fiets ben je er zo vanaf de Arc de Triomphe.
Winkelen in Parijs
Het grootste deel van de winkels die ik graag bezoek zijn – uiteraard – eetgerelateerd.
Wil je het jezelf makkelijk maken, ga dan naar de Rue Montorgueil. Dit is een straat vol fijne winkels, vooral eten. Bovendien vind je hier een hele sliert terrassen, dus sla de Rue Montorgueil dus zeker niet over.
Delicatessen koop je bij G. Detou en/of bij La Grande Épicerie. Beide zijn heel bekend, en dus ook héél druk. De Fédération française de l’apéritif heeft ook heerlijke delicatessen en zit – hoezee! – ook in andere Franse steden.
Thee koop ik graag bij Palais des Thés. Deze fijne keten zit door heel Frankrijk en ik kom er graag. Mijn favoriete smaak is Blue of London, een verrassend frisse earl grey.
Ben je er nog nooit geweest, dan moet je eigenlijk even naar Lafayette voor de gigantische, prachtige glas-in-lood koepel.
Bakkers in Parijs
Krankzinnig lekkere baksels koop je bij Ten Belles. Het is een bakker, maar ook een café. Ze hebben drie vestigingen, in het 6e, 10e en 11e. Die in het 10e is het “origineel”. Het zuurdesembrood (met een licht honingzoetje!) en de cinnamonroll van croissantdeeg zijn bizar goed.
De beste baguette van 2025 komt van La Parisienne, in het 5e. Toevallig om de hoek bij ons hotel en inderdaad: waanzinnig goed.
Sterrenrestaurant Septime heeft een eigen bakkerij: Tapisserie Patisserie. Hier kun je heerlijk voor de deur je baksels opeten, maar meenemen kan natuurlijk ook. Wij vonden werkelijk álles lekker, maar de madeleine stak er voor mij met kop en schouders bovenuit.

Vlak naast de Opéra-vestiging van Instagramster Cédric Grolet (prachtige baksels, maar niet exceptioneel lekker) vind je Pierre Hermé. De macarons komen in allerlei bijzondere smaken. De bekendste is Isphahan, met roos en framboos. Neem wel een goedgevulde portemonnee mee.
Ben je dol op patisserie en kun je niet kiezen waar je heen wilt? Ga dan naar Fou de Patisserie in de Rue Montorgueil. Hier vind je de lekkerste baksels van de beste bakkers van de stad, verzameld in één winkel.
Kleding kopen in Parijs
Wil je volop het Parijse cliché in, dan ga je natuurlijk naar één van de acht (!!) Sézane-winkels. Ik sloeg ze allemaal over, want lange rijen, maar ik heb dan ook al een aardige collectie in de kast.
Stiekem koop ik zelf mijn kleding in Frankrijk overigens merendeels bij andere winkels. En dan het liefst bij ketens, want die zitten nu eenmaal overal, en ik kom nogal eens op verschillende plekken in Frankrijk. Zo ook in Parijs.
Voor kinderkleding slaag ik altijd bij Okaïdi. Niet achterlijk duur, doorgaans uitstekende kwaliteit, mijn kinderen staat het leuk en: nou eens een keer niet hetzelfde shirt als 3 anderen in de klas.
Voor mezelf ga ik graag naar het vernieuwde Camaïeu, dat de winkels deelt met Celio. Die laatste is dan weer de favoriete kledingketen van mijn man.
Daarnaast kom ik graag bij Promod en bij Etam (wat niets te maken heeft met het Nederlandse Miss Etam). Die laatste is op veel plekken alleen een lingeriewinkel, maar bijvoorbeeld de vestiging in Les Halles heeft een enorme kledingafdeling, waar ik bijzonder goed slaagde.
Ten slotte een winkeltip voor de mooi: Uniqlo zit in de Marais in een gerenoveerde staalfabriek. Prachtig pand, wel achterlijk druk op zaterdagmiddag.










Laat hier weten wat je er van vindt