Of je er nu al vaker geweest bent of voor het eerst heengaat: een stedentrip naar Bordeaux kan direct op je bucketlist.
Bijna net zoveel als van Montpellier houd ik van Bordeaux. In 2006 was ik er voor het eerst, toen nog als reisleider voor Vinea Vakanties. In 2009 was ik er voor het eerst met mijn man, in 2010 weer. Toen nog een dagje, maar een jaar later was ik voor mijn werk een dikke week in de Bordelaise binnenstad te vinden. Toen leerde ik de stad natuurlijk écht kennen, te meer omdat mijn Franse collega’s ons Nederlandse team overal mee naartoe sleepten.
In 2018 was ik er nog een lang weekend en tijdens onze roadtrip dit voorjaar was het de hoogste tijd om ook onze kinderen kennis te laten maken met de geboortegrond van de canelé, het op één-na-grootste plein van Frankrijk (sorry C!), salade de gésiers, de mirroir d’eau, het waanzinnige uitzicht vanaf de Tour Pey-Berland en natuurlijk de wijn.
Duizelt het je nu al? Geen zorgen, ik neem je aan de hand door deze heerlijke stad!
Doen in Bordeaux
Wijn proeven natuurlijk! Bij de Bar à Vin kun je een proeverij doen, maar bij elke maaltijd iets lekkers uitkiezen of laten uitkiezen kan natuurlijk ook.

De Mirroir d’eau mag je niet missen: een spiegel van water die de lucht reflecteert, aan de kade bij de (prachtige!) Bourse. Dat wil zeggen: reflecteert als er niet tientallen kinderen in spelen. Dan alsnog leuk, maar iets minder spiegelig.

Daarna kun je meteen lekker wandelen langs de kades, want die zijn prachtig. Tip voor als je met kinderen reist: neem stepjes mee en je hebt geen kind aan ze. Al lopend kom je langs de Grosse Cloche: sla die zeker niet over!

Misschien wel de mooiste boekwinkel die ik ken is Mollat. Gigantisch en een soort doolhof, met opvallende felblauwe kozijnen en een bizar grote collectie boeken. Ook al lees je geen Frans, hier ronddwalen is balsem voor de ziel.
Een zeldzaamheid is La Diplomate: een onafhankelijke theewinkel. Mijn favoriete smaak is Port Lannis, assam thee met oranjebloesem.
Middenin het centrum vind je de Vinothèque de Bordeaux, een fijne wijnwinkel waar ze je graag helpen, alles per fles te koop hebben en je echt bijzondere wijnen kunt vinden.

Een must voor wijnliefhebbers is de Cité du Vin, een museum over wijn in het algemeen en natuurlijk Bordeaux in het bijzonder. Uiteraard mét proeven. De leukste manier om er te komen is per boot. Je kunt er gewoon op met een tramticket.
Canelés eten hoort ook echt bij een trip naar Bordeaux, want hier zijn ze bedacht. Alle Bordelais die ik het gevraagd heb, vinden die van Baillardran beter dan die van La Toque Cuivrée. Ik heb dan ook alleen die van Baillardran geproefd, en die zijn inderdaad subliem. Diepbruin, maar niet hard van buiten, zacht maar niet sponzig van binnen.

Het mooiste uitzicht op de stad heb je vanaf de Tour Pey-Berland, naast de kathedraal. Ik houd het meestal bij het eerste terras, op 40 meter hoogte, maar je kunt nóg hoger in deze klokkentoren, wel tot 50 meter. Let op: je moet wel even een tijd reserveren. Dat online en bij de toren zelf.

Shoppen doe je in en om de Rue Ste Cathérine: een winkelstraat van ruim een kilometer lang van het station tot de Place de la Comédie.
As je eigen vervoer hebt of een tour boekt, mag een tripje naar één van de vele wijngebieden eigenlijk niet ontbreken. St Émilion is makkelijk bereikbaar en prachtig, en châteaux bezoeken is natuurlijk een feestje. Wil je wat verder rijden, dan is Moulis-en-Médoc ook een aanrader.
Uit eten in Bordeaux
Chic en verfijnd, maar ook gewoon heel ontspannen: dat is Parlement des Graves. Ooit liet ik er de hele Nederlandse delegatie kennismaken met gésiers, en vertelde ze pas nadat ze hadden verklaard het lekker te vinden wat dat zijn. Ik verklap het je niet, je moet ze gewoon gaan proeven want ze zijn vet lekker.
De liefste bediening, de grootste club sandwich uit de geschiedenis van de mensheid, Château Carbonnieux per glas, de meest malse gésiers van Bordeaux en een onberispelijke plat du jour vind je allemaal op één plek: Couleur Café. Lunchen kan voor de deur in de zon. Sla de Château Carbonnieux alleen over als je hem écht niet kunt betalen. Ik weet dat 16 per glas veel geld is, maar echt, deze wijn is elke cent waard.
De beste foie van onze vakantie – met geroosterde peer, fenomenaal – een burger van confit de canard (!) én spectaculaire truffelravioli aten we bij Le Mascaron aan de Place du Parlement. Een perfect plein: met een fontein en omringd door terrassen. Tijdens de lunch zit je hier niet in de zon: in de zomer heerlijk, neem de rest van het jaar dus wel een trui mee.
De lekkerste croissants die ik ooit gegeten heb, at ik twee dagen achter elkaar, in de zon, met tevens de lekkerste koffie die ik in Frankrijk ben tegengekomen. Je snapt: na die eerste dag wisten we waar we de volgende dag zouden gaan ontbijten. Bij La Manufacture Le Bayon. Dat ligt ook nog eens prachtig tegenover de École Nationale de la Magistrature en het Tribunal. Beide zijn prachtig, dus die pak je dan ook mooi even mee.
Op aanraden van niemand minder dan Dorothy Porker ging ik op onze laatste avond met mijn gezin naar Brasserie Bordelaise en dat was een doorslaand succes. Het eten uitstekend, met geweldige friet en bizar goede oesters uit Cap Ferret. De wijnen zijn krankzinnig goed. Check zeker het schoolbord voor de wijn van de dag en sla de crémant absoluut niet over! Daarbij is de bediening vriendelijk en is het restaurant gróót, dus er is altijd wel een plekje.
L’entrecôte op de hoek van de Allées de Tourny is een fenomeen. Dag in dag uit staat hier twee keer per dag een lange rij. Hier eet je faux filet met de beroemde saus van het huis en natuurlijk friet, en wel zo goed dat mensen er rustig een uur voor in de rij staan, al sinds ver voor het bestaan van TikTok.
Nordic eten doe je bij Suzzi. Een lichte en fris ingerichte zaak met alle Scandinavische klassiekers, van smorgasbord tot kardemombroodjes.
Slapen in Bordeaux
Ik beland altijd weer in de buurt van Mériadeck, want daar zijn gewoon heel veel hotels. Afgezien van het Ibis Budget heb ik ze allemaal wel eens geprobeerd. Mijn persoonlijke favoriet is het Novotel, waar de staf superlief is, ik wel de hele dag in de lobby zou willen zitten met zijn fijne muziek en prettige bar en de kamers heerlijk zijn.
Wil je op stand slapen, kies dan voor het Grand Hôtel de Bordeaux, dat niet alleen hartje centrum ligt maar ook echt heel chic is én een mooie rooftopbar heeft.
Hoe kom je in Bordeaux?
Met de TGV ben je in 2 uur vanuit Parijs in Bordeaux. Zorg dat je genoeg tijd hebt om over te stappen, dan wandel je heerlijk van het Gare du Nord naar het Gare de Montparnasse.
Met de auto ben je vanaf de Randstad in ongeveer 11 uur bij Bordeaux. Een stop onderweg is dus aan te raden. Parkeren in het centrum is perfect in Parking République, die gloednieuw is, pal naast de kathedraal ligt en wel 60 laadplekken heeft.
Heb je geen ecologisch besef (of weinig tijd)? Met de tram ben je in no time vanaf vliegveld Mérignac in de binnenstad.










Laat hier weten wat je er van vindt